Met de meisjes in het opvanghuis gaat het over het algemeen goed. Twee van de meisjes ontvangen op regelmatige basis psychologische hulp gezien hun trauma’s uit het verleden. Beide meisjes hebben hier veel baat bij.
De drie oudste meisjes zijn bezig met hun studie aan de universiteit en Aracelly start volgend jaar op uitnodiging van een Amerikaanse organisatie een studie in de Verenigde Staten.
Yvet heeft eindelijk haar visum gekregen en werkt nu als aupair bij een familie in Mannheim in Duitsland. Zij heeft het erg naar haar zin en hoopt gauw een keer op bezoek in Nederland te komen.
Alle jongere meisjes zijn bevorderd naar de volgende klas en over het algemeen doen zij het prima op school.
Daarnaast zijn de eerste meisjes via de kinderrechter in Hogar de Gina geplaatst. Dit betekent dat de kinderrechter het vertrouwen heeft dat Hogar de Gina een goede plek voor deze meisjes is. Dit is een positieve ontwikkeling al brengt het ook problemen met zich mee. Zo haalt een van de meisjes dat uithuisgeplaatst is door de kinderrechter slechte cijfers op school. Nu is het advies vanuit het ministerie dat het meisje haar moeder niet mag zien totdat zij betere cijfers haalt. Haar zusje dat ook in Hogar de Gina woont, mag moeder wel blijven zien. Zo’n advies staat haaks op de overtuiging van het personeel van Hogar de Gina over wat goed is voor dit meisje. Maar door de afwezigheid van een psycholoog en een maatschappelijk werker is een verweer tegen dit advies lastig en het negeren van het advies zou kunen leiden tot intrekking van de vergunning van het opvanghuis. Het is voor het personeel en voor ons nog even puzzelen hoe hier mee om te gaan.
Ten slotte het verhaal van Norma. Zij is als heel jong meisje vanuit Cuszco (een stad in de Andes) naar Lima gekomen. Daar heeft zij in verschillende opvanghuizen gewoond voordat zij in Hogar de Gina terecht kwam. Hier woont zij vanaf haar achtste jaar. Als afsluiting van haar middelbare schoolperiode is zij met haar klas naar Cuszco geweest. Hier is zij op zoek gegaan naar haar ouders. Na lang zoeken heeft zij uiteindelijk haar vader en haar moeder gevonden. Beiden leefden in grote armoede. Het meest schrijnende was dat Norma niet met haar ouders kon spreken. Haar ouders spreken Quechua (de oorspronkelijk taal van Peru) en Norma is het Quechua vergeten en spreekt alleen Spaans. Er was een tolk nodig om met elkaar te kunnen communiceren. Deze ervaring heeft Norma erg aangegrepen.
Een verhaal dat nogmaals onderstreept hoe belangrijk het contact tussen ouder en kind is ook al is het kind uithuisgeplaatst. In het nieuwe beleidsplan leest u hier meer over.