'PREEK VAN DE WEEK'
Uw vitamientje voor de geest

22 augustus 2019
 
Voor onze website: KLIK HIER
Stuur ons een e-mail: KLIK HIER
21ste zondag door het jaar - C-jaar 2019.
"Wat mogen we hopen?"
 
Jes. 66,18-21  -  Hebr. 12,5-7.11-13  -  Lc. 13,22-30
"Maak mij groot, God"
De laatste dag van mijn leven,
als de zon voorgoed is ondergegaan
en plaats heeft gemaakt
voor uw hemels licht,
laat mij dan binnen
in de feestzaal van de eeuwigheid, God.
 
Niet dat ik het verdiend zou hebben,
integendeel.
 
Ik kan alleen maar rekenen
op uw warmhartigheid
en hopen dat U mij vergeving schenkt.
 
Ik ben maar een ‘kleine’ mens, God.
Maakt U me alsjeblieft ‘groot’.
 
Erwin Roosen
 
Jes. 66,18-21 — "Wie gespaard werd zal Ik uitzenden..."
 
Dit zegt de Heer: “Ik ken hun werken en hun gedachten, Ik ga alle volkeren en talen bijeenroepen en zij zullen komen en mijn glorie aanschouwen. Voor hun ogen zal Ik tekenen verrichten. Die gespaard gebleven zijn, zal Ik uitzenden naar de volkeren, zelfs naar de verwijderde kusten waar mijn faam nog niet is doorgedrongen, en waar ze mijn glorie nog niet hebben aanschouwd; onder alle volkeren zullen zij mijn glorie verkondigen. En op paarden en wagens, in karossen, op muildieren en dromedarissen, zullen zij uit alle volkeren uw broeders bijeenbrengen op mijn heilige berg in Jeruzalem en ze de Heer aanbieden als een offergave, zoals de Israëlieten in reine vaten hun spijsoffers aanbieden in de tempel van de Heer. En ook uit de volkeren zal Ik mijn priesters kiezen en levieten,” zo spreekt de Heer.
Hebr. 12,5-7.11-13 — "Heft op de slappe handen..."
Broeders en zusters,
gij zijt het Schriftwoord vergeten dat u als kinderen aanspreekt en vermaant: “Kind, minacht de tucht van de Heer niet, laat u door zijn straf niet ontmoedigen. Want de Heer tuchtigt hen, die Hij liefheeft, Hij straft ieder die Hij als zijn kind erkent.” Het lijden dient om u te verbeteren en op te voeden; God behandelt u als kinderen. Ieder kind wordt wel ooit door zijn vader gestraft. Tucht is nooit prettig, op het moment zelf is er meer verdriet dan blijdschap; maar op lange termijn levert ze voor degenen, die zich door haar lieten vormen de heilzame vrucht op van een heilig leven. Daarom, heft op de slappe handen, strekt de wankele knieën, laat uw voeten rechte wegen gaan; het kreupele lid mag niet ontwricht worden, maar moet genezen.
 
Lc. 13,22-30 — "Spant u tot het uiterste in..."
In die tijd trok Jezus rond door steden en dorpen, gaf er onderricht en zette zijn reis voort naar Jeruzalem. Iemand vroeg Hem: “Heer, zijn het er weinig die gered worden?” Maar Hij sprak tot hen: “Spant u tot het uiterste in om door de nauwe deur binnen te komen, want, Ik zeg u, velen zullen proberen binnen te komen, maar zij zullen daar niet in slagen. Als eenmaal de huisvader is opgestaan en de deur gesloten heeft en als gij dan buiten op de deur begint te kloppen en begint te roepen: Heer, doe open! zal Hij u antwoorden: Ik weet niet waar gij vandaan komt. Dan zult ge opwerpen: In uw tegenwoordigheid hebben we gegeten en gedronken, en in onze straten hebt ge onderricht gegeven. Maar weer zal zijn antwoord zijn: Ik weet niet waar gij vandaan komt. Gaat weg van Mij, gij allen, die ongerechtigheid bedrijft. Daar zal geween zijn en tandengeknars, wanneer gij Abraham, Isaäk en al de profeten zult zien in het Rijk Gods, terwijl ge zelf buiten geworpen zult zijn. Zij zullen komen uit het oosten en het westen, uit het noorden en het zuiden, en zij zullen aanzitten in het koninkrijk Gods. Denkt eraan: er zijn laatsten die eersten en eersten die laatsten zullen zijn.”
"Wat mogen we hopen?"
We moeten het verdragen dat God iedereen straft die hij, onze liefhebbende vader, als zijn kind erkent. Zo staat het in onze tweede lezing, maar in moderne oren klinkt het haast als een godslastering. Een liefhebbende vader die zijn kind straft als dit nodig is, daar kunnen we best nog wel inkomen. Maar een zware tegenslag, een ongeluk dat me treft, een ziekte die me kwelt, een geliefde die me ontvalt: is dat God die me straft omdat hij me liefheeft? Wie kan dat nog geloven? Het staat trouwens haaks op onze voorstelling van God. Tegenslagen die ons treffen zien we niet meer als een straf waarin God voor iets zou tussen zitten. Maar toch heeft Hij er iets mee te maken. We bidden dat God ons voor tegenslag zou behoeden en dat we de kracht zouden krijgen om ze te verwerken en te boven te komen.
 
Maar wat met het geloofspunt dat uiteindelijk, als de definitieve afrekening over een mensenleven wordt gemaakt, het goede wordt beloond en het kwade gestraft? Ook wat dit betreft geloven we nu, denk ik, anders dan vroeger.
 
Toen mijn grootmoeder haar dood voelde naderen, zei ze tegen mijn moeder (haar dochter): 'Neem in het nachtkastje mijn portefeuille en haal er een paar duizend frank uit om een nieuwe mantel te kopen. Ik wil niet dat je met die oude mantel aan achter mijn lijkkist loopt.' Het gebeurt vaker dat mensen die aan het sterven zijn zelf hun begrafenis regelen. En meer dan dat: ze dicteren hun kinderen en nabestaanden allerlei dingen die ze moeten doen 'als ik er niet meer ben'. Het is alsof ze meer inzitten met diegenen die ze moeten achterlaten dan met zichzelf en wat hun te wachten staat. Ze blijven achterom kijken, achterom ook naar wat na hun dood in het leven aan deze kant ervan verdergaat.
 
We schijnen het verleerd te hebben vooruit te kijken naar de overkant van de dood, naar wat in klassieke geloofstaal 'het hiernamaals' wordt genoemd. Dat we er moeite mee hebben is niet te verwonderen. Onze ervaring en ons denken stoppen bij de grens van onze dood. Daarom ook schuiven we die zo ver en zo lang mogelijk vooruit. Alleen de hoop is bij machte over de dood heen te reiken.
 
Maar wat mogen we hopen? Ik hoor mensen vaak zeggen dat dit niet de juiste vraag is. De juiste vraag is, zeggen ze dan, wat we moeten vrezen. Hun antwoord op die vraag klinkt dan: dat het bij de dood helemaal en definitief met ons gedaan is. Van hoop moet je dan niet meer spreken, behalve van de hoop dat er iets van de goede dingen die ik gepresteerd heb na mij zal overblijven. Dat maakt, zeggen ze, het leven de moeite waard, al heeft het geen overkant. Maar christen gelovigen die er zo over denken, moeten belangrijke stukken uit het evangelie wegsnijden.
 
In het evangelie dat we vandaag lezen is er sprake van hopen en vrezen. Iemand vroeg aan Jezus of we niet moeten vrezen dat er maar weinigen zullen gered worden. Gered uit de ondergang in de dood. Jezus gaf geen rechtstreeks antwoord. Hij zei tot zijn toehoorders: dat zal van jullie zelf afhangen. Zorgt ervoor dat je door de smalle deur binnen kunt. De deur - in traditionele termen zouden we zeggen de poort van de hemel - staat voor iedereen open, maar niet wagenwijd. Het is een smalle deur. Jezus waarschuwde tegen valse hoop. Ook hier blijkt nog eens dat hij het niet had voor de joden die meenden dat ze bij God een streepje voor hadden omdat ze tot zijn uitverkoren volk behoorden. Naar vandaag en naar ons toe vertaald: dat we tot de ware kerk behoren en er metterdaad van getuigen, levert nog geen automatisch verzekerd toegangsbewijs op. De waarschuwing wordt nog versterkt: het zullen anderen zijn, mensen uit alle windstreken die volgens de gebruikelijke maatstaven tot de laatsten en de minsten worden gerekend, die het eerst zullen binnengaan. Bij hen die zich tot de eersten rekenen zullen er zijn die de deur op de neus krijgen.
 
De smalle deur is een beeld dat we goed moeten verstaan. Het scherpt de aandacht voor de maatstaven die we moeten gebruiken om ons doen en laten zo te filteren dat we overhouden wat een waarde heeft die ons laat hopen dat het in de dood niet zal verdwijnen. Die maatstaven liggen samengevat in de gerechtigheid waarvan het evangelie zegt dat ze het waarmerk is van Gods rijk. Ook de formule 'rijk van God' is een beeld dat we goed moeten verstaan. Het is geen koninkrijk van deze wereld, zei Jezus, maar het komt wel in onze wereld, overal waar we kwaad de duimen doen leggen voor wat dwarsdoor goed is. Waar Gods rijk aan het komen is, komt de wereld nader bij zijn voltooiing. Het komt overal waar aan mensen recht wordt gedaan, waar ze genezen en bevrijd worden van de demonen van zonde en schuld, waar ze losgemaakt worden uit hun verslavingen. Daar gaat de wereld naar zijn voltooiing, de voltooiing waarvoor we het woord 'hemel' mogen gebruiken. Aan die hemel werken we door van de evangelische gerechtigheid de leidraad van ons leven te maken.
 
De hemel is er niet zolang de aarde blijft duren, en voor niemand van ons zolang ons leven duurt. Maar we werken aan de overkant van ons leven, ten goede of ten kwade, we werken aan de toegang tot de smalle poort zolang onze levensdagen duren.
 
@preekvdw
"Onze wereld omgekeerd"
Het evangelie zet onze wereld op z’n kop.
Wij, die zo graag eersten willen zijn,
worden daar laatsten.
Armen en gebrekkigen
komen op de eerste plaats.
 
Zo doet God ook.
Hij staat aan de kant van de slaven
en onderdrukten in Egypte.
Hij ziet naar de ballingen
en gaat met hen mee
op zoek naar het oude land.
Hij is als een Samaritaan,
die zich buigt over wie
gekwetst en gewond is.
 
Wij worden geroepen
om door de bril van de kleinen
naar onze wereld te zien.
Wat klein is en onaanzienlijk,
dat mag voorop staan.
Mensen die niet gezien worden,
mogen opvallen.
Zij verdienen onze eerste zorg.
 
Onze wereld omgekeerd:
dat is een evangelisch ideaal.
Mensen mogen zich buigen
naar elkaar en naar God.
Zo kan iedereen
tot zijn recht komen
en plaatsnemen
aan Gods bruiloftsmaal.
 
 
Wim Holterman
 
Download deze preek en de lezingen als word-bestand
Wil je verder aan de slag met de lezingen en de 'Preek van de week'...
Dan kan je alles downloaden als word-bestand.
 
 ! KLIK HIER ! 
Onze abonnees...
Dubbel ontvangen...
Misschien ontvangt u deze 'Nieuwsbrief' op twee e-mailadressen. Mogen we u dan vragen één van deze adressen uit te schrijven. Iedere verzending kost ons trouwens centjes.
 
Een nieuw e-mailadres...
Wenst u uw 'Nieuwsbrief' in de toekomst op een andere of nieuw e-mailadres te ontvangen, dan kan u onderaan deze 'Nieuwsbrief' die wijziging zelf doorvoeren.
Volg ons ook via...
Facebook...
Vanaf nu zijn we ook te vinden op 'Facebook'.
Ook via dat kanaal sturen we onze
'Preek van de week' de wereld in.

Klik op het logo... en neem een kijkje.
 
 
Twitter...
Heb je een account op 'Twitter',
volg ons dan en je krijgt een melding
telkens er een 'Preek van de week' verschijnt. 

Klik op het logo... en volg ons.

 
'PREEK VAN DE WEEK'
Vicariaat van de Vlaamse Dominicanen - Ravenstraat 98 - 3000 Leuven.
Redactie - webmaster: Peter Gijsbrechts o.p. - E-mail: klik hier
Website: klik hier.