'PREEK VAN DE WEEK'
Uw vitamientje voor de geest

11 augustus 2017
 
Voor onze website: KLIK HIER
Stuur ons een e-mail: KLIK HIER
Maria Tenhemelopneming - A-jaar 2017.
"Gods werkzaamheid door vrouwen"

Apok. 11,19a; 12,1-6a.10b  -  1 Kor. 15,20-26  -  Lc. 1,39-56
"God leeft zich uit"
Zoals een kunstenaar zich uitleeft in dode materie:
in steen, in hout, of op een doek,
in klanken of in woorden…
zo leeft God zich uit in mensen.
Wij worden bewogen en bezield door Zijn Geest.
 
Als een kleine mens heel zijn ziel kan leggen
in een doek dat hij met dode verf bestrijkt,
een beeld gegoten in brons
of gekapt in steen…
hoe zou God zijn ziel dan niet kunnen leggen
in een mens, in Maria en in ons,
die Hij begiftigt met vrijheid en verstand.
 
Als wij, aan de hand van Maria
en in Jezus onze Heer en broeder,
met Hem verbonden blijven
dan gaan we Hem ontdekken in mensen rondom ons:
in hun lukken en hun falen,
in hun glimlach en hun tranen,
in het verhaal van hun levensgroot verlangen
ergens te kunnen ‘thuiskomen’.
 
Manu Verhulst
 
Apok. 11,19a; 12,1-6a.10b — "Nu is gekomen..."
 
Toen ging de tempel van God in de hemel open, en er verscheen een groot teken aan de hemel: een Vrouw, bekleed met de zon, de maan onder haar voeten en op haar hoofd een kroon van twaalf sterren. Zij was zwanger en kreet in haar weeën en barensnood. Toen verscheen aan de hemel een ander teken: een grote, vuurrode Draak. Hij had zeven koppen en tien horens en op elke kop een diadeem. En zijn staart vaagde een derde deel van de sterren des hemels weg en wierp die op de aarde. En de Draak stond vóór de Vrouw, die zou baren om zodra zij gebaard had, haar kind te verslinden. En zij baarde een kind, een zoon, die alle volken zal weiden met een ijzeren staf. En haar kind werd ijlings weggevoerd naar God en zijn troon. En de vrouw vluchtte naar de woestijn waar zij een plaats heeft, door God bereid. En ik hoorde een stem in de hemel roepen: “Nu is gekomen het heil en de macht en het koningschap van onze God en de heerschappij van zijn Gezalfde.”
1 Kor. 15, 20-26 — "Allen zullen in Christus herleven"
Broeders en zusters,
Christus is opgewekt uit de doden als eersteling van hen die ontslapen zijn. Want omdat door een mens de dood is gekomen, komt door een mens ook de opstanding der doden. Zoals allen sterven in Adam, zo zullen ook allen in Christus herleven. Maar ieder in zijn eigen rangorde: als eerste en voornaamste Christus, vervolgens, bij zijn komst die Christus toebehoren; daarna komt het einde, wanneer Hij het koningschap aan God de Vader zal overdragen, na alle heerschappijen en alle machten en krachten te hebben onttroond. Want het is vastgesteld, dat Hij het koningschap zal uitoefenen, tot Hij al zijn vijanden onder zijn voeten heeft gelegd. En de laatste vijand, die vernietigd wordt, is de dood.
 
Lc. 1,39-56 — "Gij zijt gezegend onder de vrouwen..."
In die dagen reisde Maria met spoed naar het bergland, naar de stad in Juda. Zij ging het huis van Zacharias binnen en groette Elisabet. Zodra Elisabet de groet van Maria hoorde, sprong het kind op in haar schoot. Elisabet werd vervuld met de heilige Geest en riep uit met luide stem: “Gij zijt gezegend onder de vrouwen en gezegend is de vrucht van uw schoot. Waaraan heb ik het te danken dat de moeder van mijn Heer naar mij toekomt? Zie, zodra de klank van uw groet mijn oor bereikte sprong het kind van vreugde op in mijn schoot. Zalig zij die geloofd heeft dat tot vervulling zal komen wat haar vanwege de Heer gezegd is.” En Maria sprak: “Mijn hart prijst hoog de Heer. Van vreugde juicht mijn geest om God, mijn redder, daar Hij welwillend neerzag op de kleinheid van zijn dienstmaagd. En zie, van heden af prijst elk geslacht mij zalig, omdat Hij die machtig is aan mij zijn wonderwerken deed, en heilig is zijn Naam. Barmhartig is Hij, van geslacht tot geslacht, voor hen die Hem vrezen. Hij toont de kracht van zijn arm; slaat trotsen van hart uiteen. Heersers ontneemt Hij hun troon, maar Hij verheft de geringen. Die hongeren overlaad Hij met gaven, en rijken zendt Hij heen met lege handen. Zijn dienaar Israël heeft Hij zich aangetrokken, gedachtig zijn barmhartigheid voor eeuwig jegens Abraham en zijn nageslacht, gelijk Hij had gezegd tot onze Vaderen.” Nadat Maria ongeveer drie maanden bij haar gebleven was keerde zij naar huis terug.
"Gods werkzaamheid door vrouwen"
Het is wel vaker gebeurd dat de Mariadevotie vreemde vormen heeft aangenomen in de christelijke traditie. Meer dan eens is zij voorwerp geworden van een vroomheid die haar bekleed heeft met alle mogelijke en onmogelijke deugden die een mens zich maar kan indenken.
En toch weten we over Maria zo weinig. Eigenlijk weten we – historisch gezien – enkel en alleen dat ze de moeder van Jezus is geweest. Dat is – historisch gesproken – alles. Wat verder over haar verteld is geworden, is vrucht van vroomheid. Mensen hebben beelden en verhalen bedacht, waarin Maria een voorbeeldfunctie werd toebedacht. Zij stond namelijk dichter bij ons dan haar zoon. Jezus had sinds de eerste concilies van de kerk in de vierde eeuw een quasi goddelijk statuut gekregen. Maria daarentegen kon ons beter inspireren in het leven van alledag. Eén van de verhalen die in dit verband tot de verbeelding spreken is het bezoek van Maria aan haar nicht Elisabet. Een doodgewoon menselijk gebeuren. Twee zwangere vrouwen die elkaar opzoeken omdat ze heel wat te vertellen hebben.
 
Van Maria is in haar thuisbasis Nazareth nooit een postkaart vanuit Juda aangekomen. Hoe Jozef daarover zal gedacht hebben, is niet bekend. Daar gaat het de auteur van het evangelie ook niet om. Lucas heeft geen informatie over de familiale situatie van Jezus’ moeder. Zijn bedoeling is veeleer inzicht te geven in de manier waarop Gods handelen gestalte krijgt in de geschiedenis. Zoals zo vaak in de Joodse geschiedenis zijn het vrouwen die de voortgang van Gods heil bewerken. Opvallend hoe dit op een zeer lichamelijke manier gebeurt. Twee vrouwen die heil in hun lichaam, in hun schoot, dragen. Toekomst dragen zij. Daarin belichamen zij een andere kracht dan zij die menen het wereldgebeuren te beheersen.
 
Het is niet toevallig dat Lucas in zijn evangelie alludeert op die andere Myriam, de zus van Mozes. Ook zij zingt een loflied: na de doortocht door de Rode Zee. Zo lezen we in het boek Exodus: "Zing voor de Heer, want Hij is de hoogste; paard en ruiter wierp hij in zee." Myriam zingt dit lied over een God die de werkelijkheid verandert. Haar God is geen machteloze God. Hij is een doende God: er hééft bevrijding plaatsgevonden. Hij hééft omgezien naar zijn volk, hij hééft de kracht van zijn arm getoond, hij hééft de trotsen van harte uiteengeslagen. Let wel, het zijn geen opzienbarende feiten waar naar verwezen wordt. Ofschoon het wel zo klinkt in het lied van Myriam. In wezen zijn het de ervaringen van kleine mensen die hun geloof in het leven, in eigen kunnen, niet verliezen. Dit zijn doodgewone stervelingen die blijven geloven in de waarde van elke kleine daad van trouw en toewijding. Omdat zij zich daarvoor open stellen ervaren zij die wondere kracht die hen naar elkaar toekeert, om mensen-voor-elkaar te zijn en te blijven. Wat die grote wereld ook uitspookt.
 
Zoals Myriam uit ervaring zingt, zo ook Maria. Beide vrouwen leren ons met andere ogen kijken naar de werkzaamheid van God. God werkt niet doorheen hen die macht en aanzien hebben, niet doorheen de rijken en de verstandigen. Niet doorheen de handelingen van de priesters met hun sacramentele bevoegdheid. God laat zich kennen doorheen de geschiedenis die van onderuit gestalte krijgt. Zo zal het ook klinken in de verkondiging van Jezus: "zalig de armen, zalig die hongeren naar gerechtigheid, zalig die vervolgd worden."
 
Heel de geschiedenis door zijn het de vrouwen, de kleinen en de armen die deze gevoeligheid levend houden. Vandaag beluisteren we dat in de ontmoeting van twee vrouwen die leven in hun schoot dragen. De woorden die hen door Lucas in de mond worden gelegd zijn een zoveelste variatie op refreinen uit de Joodse traditie. Refreinen die als een rode draad Gods werkzaamheid doorheen de geschiedenis bezingen.
De beide kinderen die zij het leven schenken zullen door de machtigen en priesters geëlimineerd worden. Johannes wordt gevangen gezet en onthoofd, Jezus wordt gearresteerd en gekruisigd. Wanneer we hen belijden als dragers van goddelijk heil, dan zeggen we daarmee dat zij een andere wereld aan het licht brengen die alleen kan gezien worden door mensen die kijken met geloof in hun ogen en liefde in hun hart. Zij openbaren een andere wereld. Of juister: zij openbaren een andere mogelijkheid om deze wereld gestalte te geven. In het onopvallende van het alledaagse wordt een nieuw soort schoonheid geopenbaard. De schoonheid van een toekomst die zich aankondigt in het kind dat zij in hun schoot dragen. Begrijpelijk dat Johannes reeds van vreugde opspringt in de buik van zijn moeder wanneer hij de groet van Maria hoort. Met deze kleine salto drukt hij de vreugde uit die het deel is van mensen die zich klein en ontvankelijk weten.
 
Wij mensen geven elkaar leven door. Zoals Elisabet en Maria. Zoals de zovele ongekende kleinen en armen overal ter wereld. Maar ook in eigen midden. In de zorg die we dragen voor elkaar.
@preekvdw
Het "Magnificat" vandaag

Wat is God toch grandioos.
Hij betekent alles voor mij.
Ik ben helemaal opgetogen
omdat Hij naar mij heeft omgekeken.
Eigenlijk ben ik toch niets bijzonders,
een doodgewoon meisje
dat graag voor anderen klaar staat.
 
Maar voortaan zal iedereen zeggen
dat ik het heel erg getroffen heb.
Hij is inderdaad machtig groot
en Hij heeft zijn naam waargemaakt
door mij te kiezen voor zo iets geweldigs.
 
Zo doet Hij met ons.
Alle mensen die naar Hem opzien,
hebben dat steeds ondervonden.
Wie hem in de arm neemt,
staat sterk.
Maar wie zich verbeeldt
dat hij het wel alleen kan
zal bedrogen uitkomen.
De machtigen laat Hij rustig vallen
maar de kleinen helpt Hij vooruit.
 
Aan ons, die nog zoveel tekortkomen,
geeft Hij wat we maar nodig hebben.
Maar diegenen die zich
al van alles hebben voorzien
stuurt Hij weg met lege handen.
 
Zo heeft Hij het altijd gedaan met de mensen
vanaf Abraham en zijn volk
tot nu toe en in eeuwigheid.
Predikbroeders in woord en daad
Dominicanen in Vlaanderen in de twintigste eeuw
De orde der dominicanen, ook gekend als predikbroeders of predikheren, bestaat in 2016 achthonderd jaar.
Op vraag van de Vlaamse dominicanen heeft de faculteit Theologie en Religiewetenschappen van de KU Leuven een boek samengesteld waarin de recente geschiedenis van de dominicanen in Vlaanderen centraal staat. Onderzoekers van de faculteit hebben origineel werk verricht in verband met figuren en activiteiten die het Vlaamse dominicaanse leven in de twintigste eeuw karakteriseren.
De rode draad in het boek is dan ook de verkondiging of prediking 'in woord en daad', die tot het wezen van het dominicaanse leven behoort. Of het nu gaat om spirituele, theologische, culturele, sociale of politieke kwesties, de dominicanen hebben, tot vandaag, steeds blijk gegeven van wat in hun motto 'Veritas' besloten ligt: ze zijn rusteloze Godzoekers die doorheen de tijd hun leven in dienst stellen van de steeds weer te ontdekken waarheid. De predikbroeders hebben op hun eigen wijze het verhaal van Dominicus gestalte gegeven in de geschiedenis van kerk en maatschappij in Vlaanderen. Hiervan wil dit boek een weerslag bieden.

Met bijdragen van Dries Bosschaert, Marcel Braekers, Mark De Caluwe, Bernard de Cock, Georges De Schrijver, Ignace D'hert, Leo Kenis, Mathijs Lamberigts, Anton Milh, Toon Osaer, Stephan van Erp, Dries Vanysacker en Sander Vloebergs.
 
Als abonnee bij 'Preek van de week' kan u dit boek,
voor de prijs van 25,95euro,
rechtstreek bestellen via de website van uitgeverij 'Halewijn' te Antwerpen: Klik hier. 
Dominicus ontmoeten
Dominicus de gedreven prediker

De Spaanse priester Dominicus stichtte achthonderd jaar geleden de Orde der Predikers, beter bekend als de dominicanen.
Na een moeizaam begin groeide de Orde uit tot een invloedrijke internationale beweging van religieuze mannen en vrouwen, tot op de dag van vandaag.
 
In dit boek leren we Dominicus kennen als een gedreven prediker die voortdurend biddend en denkend contact hield met God. Tegelijk had hij oog voor de concrete noden en vragen die op zijn pad kwamen. Een heilige om na te leven. 

De auteur van het boek, Paul Dominikus Hellmeier ( °1977, Landshut, Duitsland) trad in 1999 in bij de orde van de dominicanen.
Van 2010 tot 2015 was hij werkzaam als docent middeleeuwse wijsbegeerte.
Thans is hij rector van de Theatinerkerk in München en prior van het daaraan verbonden Dominicanenklooster.
Als abonnee bij 'Preek van de week' kan u dit boek,
voor de prijs van 16,50 euro,
rechtstreek bestellen via de website van uitgeverij 'Halewijn' te Antwerpen: Klik hier. 
Download deze preek en de lezingen als word-bestand
Wil je dus verder aan de slag met de lezingen en de 'Preek van de week'...
Dan kan je hieronder alles downloaden als word-bestand.
 
 ! KLIK HIER ! 
Onze abonnees...
Dubbel ontvangen...
Misschien ontvangt u deze 'Nieuwsbrief' op twee e-mailadressen. Mogen we u dan vragen één van deze adressen uit te schrijven. Iedere verzending kost ons trouwens centjes.
 
Een nieuw e-mailadres...
Wenst u uw 'Nieuwsbrief' in de toekomst op een andere of nieuw e-mailadres te ontvangen, dan kan u onderaan deze 'Nieuwsbrief' die wijziging zelf doorvoeren.
Volg ons ook via...
Facebook...
Vanaf nu zijn we ook te vinden op 'Facebook'. Ook via dat kanaal sturen we onze 'Preek van de week' de wereld in.

Klik op het logo... en neem een kijkje.
 
 
Google+...
Heb je geen account op 'Facebook', kan je ons ook - zonder account - terugvinden via 'Google+'.

Klik op het logo... en neem een kijkje.
 
Twitter...
Heb je een account op 'Twitter',
volg ons dan en je krijgt een melding
telkens er een 'Preek van de week' verschijnt. 

 
Klik op het logo... en volg ons.
'PREEK VAN DE WEEK'
Vicariaat van de Vlaamse Dominicanen - Ravenstraat 98 - 3000 Leuven.
Verantwoordelijke uitgever: Pater Marcel Braekers o.p. - Vicaris. E-mail: klik hier
Redactie - webmaster: Peter Gijsbrechts o.p. - E-mail: klik hier
Website: klik hier.