Scheepspost is de digitale nieuwsbrief voor het

Varend Erfgoed in Nederland. Het is een uitgave van Wouter van Dusseldorp. Het auteursrecht berust bij de oorspronkelijke bronnen.

Heb je zelf nieuws voor de Scheepspost, mail dan aan wouter@scheepspost.info

Een vrijwillige bijdrage van € 15,- kan je overmaken
naar
"Maritiem Dus",
IBAN NL96 TRIO 0198 1437 02
Scheepspost 111, 2 maart 2017
Scheepspost wordt mede mogelijk gemaakt door:
EOC

FVEN















Scheepsmakelaardij Enkhuizen

Akwadrant

defotoboot

Windseeker

Eisma Houtwerk


info@postverzekert.nl

Fikkers
Patrijspoorten


NagelHard


Hi-Tek

Piet Blaauw
Scheepstimmer en Mastmakerij Stavoren


Zeiltocht op IJsselmeer en Markermeer met zeilschip, klipper, tjalk of groot zeilschip
Register Holland

Museumhaven Willemsoord

zeilklippers

Rood boven groen

Zeilmakerij Molenaar
Scheepswinkel Van Meer
watererfgoed
havenmuseum
Hilbrands IJzerwerkplaats

red-gull

SRF
Bureau Scheepvaart Certificering
Traditionele Schepen Beurs
Bataviahaven

Hoogendoorn

Terra Nova

Den Boer Sails








Voor evenementen rond het
Varend Erfgoed kijk je op de
Evenementenpagina









Omdat een aantal mensen de Scheepspost nr. 111 van gisteren niet hebben ontvangen stuur ik hem nog een keer. Waarschijnlijk zat er een verkeerde link in, dit is nu aangepast.

               Wouter van Dusseldorp


FVEN nieuws

— FVEN op HISWA KLASSIEK – 8 T/M 12 maart 2017

Overig nieuws

— Boekpresentatie: ‘Mon, schipper tijdens WO1’
— Schippers van Weleer: Ger Veuger (70) Schipper 1970-2012
— Een opleidingsschip in de tuin: de ‘Kaatje’

— Foto’s van Hajo Olij

— Reddingboot Javazee is nu varend oorlogsmonument
— Meevaren op een spits met vracht

— Raderboot Kapitein Anna ‘Varend Monument Hotel’

— De voorgangers van de "Lemmerboot"
— Wonen op de Theems begint op Harlinger werf

— Tuigage is deel van geloofwaardigheid

— Inspectie van de Halve Maen
— Zwarte Piet Moorman en zijn botter ZS13

— Botter verhuist naar Openluchtmuseum Arnhem

— Eenrichtingverkeer op Prinsengracht

— WK Soling 2017 in Nederland

Deze onderwerpen vind je in de Zeepost van deze week:



FVEN nieuws

— FVEN op HISWA KLASSIEK – 8 T/M 12 maart 2017


Foto: HISWA

Van woensdag 8 t/m zondag 12 maart vindt in de RAI Amsterdam weer het grootste watersportevenement van Nederland plaats, de HISWA Amsterdam Boat Show. Met honderden boten, onderdelen en accessoires en natuurlijk HISWA Klassiek, voor een mooie verbinding tussen het rijke maritieme verleden van Nederland en de moderne tijd van nu. HISWA Klassiek, met prachtige klassieke schepen, onderdelen en accessoires, is te vinden in Hal 5.

Federatie Varend Erfgoed Nederland is hier natuurlijk ook aanwezig.
De FVEN is de overkoepelende organisatie die op komt voor de gezamenlijke belangen van de grootste Varend Erfgoed vloot van de wereld. Naast de belangen worden ook kennis en kunde van het Varend Erfgoed gebundeld. Het register RVEN waarin het Varend Erfgoed ingeschreven staat is een onmisbaar onderdeel van de Federatie.

FVEN staat samen in met de behoudsorganisaties BASM, LVBHB, VDMS, VKSJ, VBOG en SKZ in de stand. De opduwer Trijn maakt dit jaar de stand compleet.
U kunt ons vinden in stand 05K16 achter in de “klassieke” Hal 5.


Einde FVEN nieuws





— Boekpresentatie: ‘Mon, schipper tijdens WO1’



Toen oud-schipper Edmond Reyniers (1883-1979) al ruim in de tachtig was, schreef hij op verzoek van zijn familie zijn memoires. Een deel hiervan, het gedeelte dat zich afspeelt tijdens de Eerste Wereldoorlog, wordt nu in boekvorm uitgebracht.

Edmond bezat een sleepkempenaar en op het moment dat Duitsland in 1914 aan België en Frankrijk de oorlog verklaarde bevonden hij, zijn echtgenote en hun twee kinderen zich met de Thérèse in Duitsland. Het schip was net geladen met steenkool en werd al teruggesleept richting België.
Na enkele uren zou de grens bereikt zijn maar het draaide anders uit: pas na een jaar zou schipper Mon in België terugkeren. Ook de overige oorlogsjaren zouden het de schipper en zijn familie niet gemakkelijk maken. Tochten tussen België en het neutrale Nederland, in beslagnames, aan de ketting, bombardementen; de familie Reyniers maakte het allemaal mee.

Wanneer je op de Schelde, in de Scheldedelta of langs de Schelde-Rijnverbinding vaart, zie je ze nog wel eens dapper varen: die spitsjes en kempenaars. Scheepstypes van meer dan honderd jaar geleden.
Spitsen die net in de Franse sluizen pasten en de kempenaar in de wat grotere sluizen van de Kempische Kanalen in Noord-Brabant in Nederland en in de Kempen in Vlaanderen. Scheepjes waar nog een mooie zeeg in zit, de schipperswoning achterop, deels in het ruim verzonken, en nog geen stuurhuis want daarvoor waren sommige bruggen te laag. Het was dus buiten sturen, uren aan het roer staan, in weer en wind, in alle seizoenen. Ook de schippersvrouwen hadden het niet gemakkelijk want de was doen en koken moest ook buiten gebeuren. Wat een verschil met het moderne comfort op de hedendaagse binnenvaartschepen!

Er zijn al veel boeken verschenen over de binnenvaart. Maar dit is een verhaal over het schippersleven, niet over de schepen. Hoe schippersfamilies vaak erbarmelijk leefden, zich aanpasten, heel hard werkten, tegenslag hadden en er toch weer voor gingen. En dat zo’n honderd jaar geleden.
Kijk voor meer info en bestellen op de bron: Ruimschoots





— Schippers van Weleer: Ger Veuger (70) Schipper 1970-2012


Foto: het Canal du Nord-schip Cambio (foto familie Veuger)

In het weekblad Schuttevaer staat regelmatig de rubriek “Schippers van Weleer” van auteur Corine Nijenhuis. Na publicatie in de Schuttevaer zijn deze verhalen over schippers van weleer ook op de website van Corine Nijenhuis te vinden.

Lees hier het verhaal over Ger Veuger (70) Schipper 1970-2012
Cambio, spits, 1958, 354 ton; Cambio, spits, 1960, 374 ton; Cambio, Canal du Nord-schip, 1946, 630 ton

Dat hij een voortrekker van de binnenvaart zou worden, lag in de lijn der traditie. Vader en grootvader gingen hem voor als actieleider, bestuursman en woordvoerder; de familie Veuger was steevast actief in allerlei organisaties. Het schippersgeslacht stamt uit de 17e eeuw, voer in binnen- en buitenland, want: ‘Er wordt overal brood gebakken en overal worden kinderen geboren, het maakt dus niet uit waar je bent.’
Ger werd geboren op een klipperaak met zijschroef van 150 ton. Als jongste uit een gezin van acht stapte hij, na het internaat, bij zijn ouders aan boord. Dankzij de saneringsregeling kon hij in 1968 een eigen leven gaan leiden: toen ging de klipperaak naar de sloop en zijn ouders met vervroegd pensioen.
Ger wilde zo rap mogelijk zijn Rijnpatent halen, dus voer hij een seizoen op een passagiersschip. Daar werd het nuttige met het aangename verenigd: hij kreeg zijn papieren én leerde dansen, omdat er altijd mannen tekort waren op de dansavonden.
Lees het gehele artikel op de bron: Corine Nijenhuis





— Een opleidingsschip in de tuin: de ‘Kaatje’



In de tuin van de Enkhuizer Zeevaartschool ligt een uniek schip dat gebruikt wordt voor opleidingsdoeleinden, zoals het omgaan met zeilvoering op een dwarsgetuigd zeilschip of voor oefeningen op het gebied van brandbestrijding.

De Kaatje (eigenlijk Kaatje III) is gebouwd in 1935 en heeft een boeiende en lange geschiedenis achter zich die teruggaat tot 1785. Het heeft lange tijd verscholen gelegen op de binnenplaats van de beroemde Kweekschool voor de Zeevaart aan de Prins Hendrikkade in Amsterdam, waar het generaties stuurlieden in opleiding in haar want zag klimmen.

Een grote verbouwing van de Kweekschool zou tevens het einde van de op dat moment al ten dele onttakelde en verrotte scheepje betekenen. Dankzij veel mensen die zich betrokken voelden bij het zeevaartonderwijs is het gelukt om Kaatje niet alleen te redden, maar haar ook naar Enkhuizen te transporteren. Zonder de hulp van die redders, beschermers en vrienden van Kaatje was dat nooit gelukt.

Kaatje stond tot 27 april 2001 op de binnenplaats van de Kweekschool voor de Zeevaart in Amsterdam. Zij is het laatste schoolschipmodel op ware grootte in Europa en daardoor volstrekt uniek.
Vroeger hadden alle belangrijke zeevaartscholen in Europa voor de praktijklessen een scheepsmodel schaal 1:2 of 1:3 op het droge. In 1785 werd bij de opening van de school in Amsterdam Kaatje I gebouwd. Haar tuigage werd hergebruikt bij de bouw van de nieuwe romp voor Kaatje II in 1831 en wederom bij Kaatje III en is daarmee ook de oudste tuigage.
Lees het gehele artikel op de bron: Enkhuizer Zeevaartschool http://www.ezs.nl/kaatje.html Hier kan je ook donateur worden van de Kaatje.
Of bekijk hier een filmpje met luchtopnames van de Kaatje onder vol tuig.




— Foto’s van Hajo Olij



In de vorige Scheepspost stonden twee foto’s van de klipper Kaat Mossel. Deze foto’s waren gemaakt door Hajo Olij van deFotoboot. Dat had bij de foto’s vermeld moeten staan.

Veel van de foto’s van Hajo zijn op internet te vinden, of worden zonder bronvermelding gebruikt voor de websites van charterschepen. Wanneer het over foto’s van traditionele zeilschepen gaat kom je al snel bij Hajo uit.
Kijk hier voor meer foto’s van Hajo Olij / de Fotoboot




— Reddingboot Javazee is nu varend oorlogsmonument


De doop van de Javazee door Koningin Juliana in 1967

Op 27 februari 1967 werd reddingboot Javazee door Koningin Juliana gedoopt en in dienst gesteld als eerbetoon aan de Nederlandse gesneuvelden tijdens de Slag in de Javazee in 1942. Precies 50 jaar later krijgt het schip de monumentenstatus.

Na de offciele herdenking van 75 jaar Slag in de Javazee in Den Helder, hijst vice-admiraal b.d. Van Duyvendijk, tevens oud-voorzitter van de KNRM, de monumentenwimpel op de Javazee.

Bij die zeeslag, in het voormalige Nederlands-Indië, verloren ruim 900 Nederlandse marinemannen het leven. De omvang van de dramatische gebeurtenis en het daarop volgende leed drong pas laat na de oorlog goed door in Nederland. Om de nagedachtenis aan de slag levend te houden, namen de verenigingen van marinepersoneel in 1965 het besluit om bij de 25-jarige herdenking van de Slag in de Javazee in 1967 de Slag ook materieel te herdenken. In dat jaar werd de Koninklijke ZuidHollandse Maatschappij tot Redding van Schipbreukelingen (KZHMRS) benaderd met het idee om ter nagedachtenis aan de in de Slag gevallen marinemannen een reddingboot te schenken.

De reddingboot kwam in dienst van de KZHMRS en werd in Breskens gestationeerd. De boot was onder andere in 1987 actief bij de ramp met de veerboot Herald of Free Enterprise bij Zeebrugge. Na nog dienst te hebben gedaan op de KNRM stations in Hoek van Holland en Scheveningen werd de Javazee in 2006 als operationele reddingboot uit dienst gesteld. De boot werd door de KNRM aan het Nationaal Reddingmuseum Dorus Rijkers in Den Helder in bruikleen, beheer en onderhoud gegeven.

Motorreddingboot Javazee is in 1967 gebouwd bij NV Scheepswerf & Machinefabriek De Merwede in Hardinxveld-Giessendam. Het is een zelf-richtende reddingboot van 21,05 x 4,64 meter en 54,4 ton.
Lees het gehele artikel op de bron: KNRM





— Meevaren op een spits met vracht



Op de spits Retif kan je meevaren, om te beleven hoe het is om te varen op een schip waar beroepsmatig mee gevaren wordt door Nederland, België of Frankrijk. Het schip is nagenoeg in dezelfde historische staat zoals het in 1952 van stapel liep nabij Douai in Noord Frankrijk. De Refit is een Straatsburger spits, deze heeft achterop een paviljoen met patrijspoorten met als voordeel dat de woning over de gehele breedte is.

De spits is op dit moment het kleinste commerciële vrachtschip met een laadvermogen tot ongeveer 400 ton. Met spitsen wordt voornamelijke in Nederland, België, Frankrijk en in mindere maten in Duitsland gevaren.



Kunstwerken zoals bruggen, aquaducten en sluizen in de Franse kanalen stammen nog uit 1645 en werden aan de Charles du Freycinet maat onderworpen. Charles du Freycinet was in 1879 minister van openbare werken en standaardiseerde de Franse kanalen naar 40 meter lang en 5.20 breed, 3,50 hoog en 1.80 diep. Dit is de laatste modernisering van de meeste kanalen en heden ten dagen nog steeds de maat van veel kanalen. Deze maten van de schepen zijn in de praktijk maximaal 38,5 x 5,1 meter.

De Refit heeft haar vooronder comfortabel ingericht voor gasten. In overleg is heel veel mogelijk, je kan een week, een weekend of langere tijd mee varen. Je kan overdag afstappen en een deel van de route lopend of fietsend afleggen. Een reis met de Retif is een reis naar lang vervlogen tijden toen alles gemoedelijk verliep en tijd nog geen rol speelde.
kijk hier voor meer info over de Retif


Scheepspost wordt mede mogelijk gemaakt door:

EOC

FVEN



— Raderboot Kapitein Anna ‘Varend Monument Hotel’



Na een grondige restauratie van drie jaar is de Kapitein Anna, voorheen bekend onder de naam Kapitein Kok, terug in de vaart en terug in haar oude thuishaven Amsterdam. De stichting Federatie Varend Erfgoed Nederland heeft op 5 december 2016 de raderboot Kapitein Anna in haar register ingeschreven als Varend Monument. De Kapitein Anna is nu beschikbaar voor één- of meerdaagse tochten. Daarnaast doet het schip dienst als restaurant- en hotelschip en is het te huur als locatie voor evenementen, feesten en presentaties.

Bijzondere geschiedenis
De Kapitein Anna is in 1911 gebouwd als stoomraderboot voor de Stoomboot Reederij op de Lek als radarboot No.6. Tot 1948 verzorgde het schip een lijndienst tussen Culemborg, Schoonhoven en Rotterdam. In 1950 werd de raderboot verkocht aan de Duitse ondernemer Karl Pister. Pister liet de stoommachine, ketel en raderen verwijderen en gebruikte het schip als varend partycentrum. In 1976 ontdekte de Hilversumse muzikant Wijnand Key het inmiddels zwaar verwaarloosde schip in de haven van Ludwigshafen. Hij bracht het schip terug naar Nederland.



Na een restauratie, waarbij de raderboot werd voorzien van twee hydraulisch aangedreven schepraderen, kreeg het schip de naam Kapitein Kok en een vaste ligplaats in Amsterdam. Key verzorgde van 1977 tot 1980 lijndiensten op Rotterdam, Utrecht, Gorinchem, Dordrecht en IJmuiden. Van 1980 tot 2012 werd de Kapitein Kok, eveneens vanuit Amsterdam, ingezet voor de chartervaart. Kapitein Anna is sinds juni 2013, na het faillissement van de vorige eigenaar, in bezit van Ton Schellekens met zijn bedrijf Rederij Quo Vadis. Bij de faillissementsveiling was deze rederij de enige inschrijver. Hij gaf haar de naam Kapitein Anna.
Bron: persbericht Kapitein Anna
Kijk hier voor meer informatie




— De voorgangers van de "Lemmerboot"


De Lemster Beurtman. (Tekening van J.C. Greive Jr.)

Over de geschiedenis van de eens zo populaire Lemmerboot is bijzonder weinig geschreven, de "Jan Nieveen" natuurlijk uitgezonderd, die dan ook als "de" Lemmerboot wordt beschouwd, naar mijn mening ten onrechte. Dit schip, dat pas in 1928 in de vaart werd gebracht, heeft namelijk véél voorgangers gehad, en wel gedurende eeuwen.

Al heel vroeg onderhielden Lemster beurtschippers met hun zeilschepen (vooral kofschepen) de verbindingen over de Zuiderzee. Zo is De Lemmer voor de stad Groningen altijd belangrijk geweest als uitvalsbasis naar Holland en het is dan ook niet verwonderlijk dat het Grootschippersgilde in die stad in het begin van de 17de eeuw octrooi vroeg en kreeg voor een veer Groningen-De Lemmer-Amsterdam.

Dat er al geregelde diensten vanuit De Lemmer op Amsterdam werden gevaren, blijkt uit dit bericht in de Leeuwarder Courant van 7 december 1757: "Een ygelyk wordt door dezen bekend gemaakt, als dat van de Lemmer op Amsterdam, en van Amsterdam op de Lemmer in deze Wintertijd ’s Weeks 3 Beurtschepen zullen varen, namentlyk van de Lemmer na Amsterdam, ’s Woendsdags, Vrijdags en Saturdag, en van Amsterdam op de Lemmer, ’s Maandags, Woensdags en Vrydags, zullende dezelve hun aanvang nemen met den 14 December van de Lemmer, en den 12 Dito van Amsterdam."

In de 18de eeuw kon men al vanuit De Lemmer, in aansluiting op de beurtman uit Amsterdam verder Friesland in reizen. Op 2 april 1740 werd bijvoorbeeld octrooi verleend aan de kerkvoogden van De Lemmer voor de exploitatie van een "wagenveer" naar Heerenveen, Leeuwarden en zelfs Groningen. In mei 1761 startte Hendrik Meijer, afkomstig uit Balk, waar hij in 1760 was getrouwd met Trijntje Jans, eveneens uit Balk, vanuit De Lemmer tweemaal per week met een postwagendienst op Leeuwarden. En op 6 april 1804 werd begonnen met de exploitatie van een postwagendienst tussen De Lemmer en Joure.
Lees het uitgebreide artikel van Jaap van der Zwaag op de bron:




— Wonen op de Theems begint op Harlinger werf



De Harlinger scheepswerf SRF begon in 1975 als eenmanszaak van Lex Tichelaar. Tegenwoordig heeft het bedrijf bijna zeventig vaste krachten in dienst.
In het verleden maakte Tichelaar naam met het ombouwen van historische zeilschepen voor de bruine vloot. Die tijd ligt grotendeels achter ons, vertelt Lourens Smits, een van de vijf vennoten van SRF (Scheepsbouw en Reparatie Friesland). Er komt nog wel eens een klipper voor de wal liggen. „Maar we hebben al heel lang geen ombouw meer gedaan.”

Anno 2017 richt de werf zich bijvoorbeeld op wonen op het water. Dat is dankzij de torenhoge huizenprijzen in de grote Europese steden een lucratieve markt geworden. Terwijl je voor een heel bescheiden appartementje in Londen toch al gauw een half miljoen euro neertelt, kan het wonen op de Theems nog heel betaalbaar uitpakken.

Bijna geen stadsbestuur tolereert nog de armtierige woonarken van weleer, de huidige woonboten moeten voldoen aan strenge welstandseisen. Laten ze in Harlingen nou heel goed zulke fraai ogende woonschepen kunnen bouwen. SRF trekt klanten uit heel Europa. Zo belandde een jong Brits stel met een woonwens voor Londen bij de werf.

Hun woonkamer zit straks verpakt in een klassieke scheepsromp, afgemeerd in de relatieve nabijheid van de City. „We hebben ook een klant die door de week in een appartementje in Düsseldorf woont, maar zijn weekenden op zijn ‘cruising home’ doorbrengt”, vertelt Smits. Zo’n ‘cruising home’ heeft wel dat vierkante uiterlijk dat je van een woonboot verwacht, maar je kunt er mee varen als een volwaardig schip.
Lees het gehele artikel op de bron: de LC via blendle (€)




— Tuigage is deel van geloofwaardigheid



De manier waarop Ron Groenestein nieuwe jufferblokken voor VOC-replica Halve Maen heeft gemaakt, zal weinig verschillen van de wijze waarop dat begin zeventiende eeuw gebeurde. Op maat en met de hand - ,,Ik heb geen voeling met elektrisch gereedschap.’’ De druppelvormige houten blokken hebben gaten en groeven voor het touw waarmee in dit geval de loopstag van de boegspriet wordt gespannen. Dat is het met beschermend garen omwonden touw, dat houvast biedt voor iemand die op de boegspriet loopt.

Het hele schip (dat nu in Enkhuizen op het droge staat) en onderdelen zoals fokkemast, boegspriet, marsen, stengen, ra’s en al het touwwerk worden grondig onder handen genomen. In de ’olie’ zetten, nakijken, vernieuwen, zwart schilderen, ontelbare manuren zijn er al in gaan zitten. ,,Onderhoud is leuk’’, zegt Groenestein onomwonden. ,,Door alle onderdelen van het schip aan te raken leer je het beter kennen. Als ik alleen zou mogen zeilen en niets aan onderhoud mag doen, ben ik weg!’’



Ron Groenestein heeft zich gespecialiseerd in de tuigage - het geheel van touwwerk en zeilen - van dwarsgetuigde schepen. Een aantal maanden per jaar maakt hij deel uit van de bemanning van het Zweedse replicaschip Götheborg, een van de grootste nog operationele houten zeilschepen ter wereld. Hij voer al acht maanden op de Halve Maen toen die nog in Amerika was en kent de tuigage als geen ander.

,,Mensen als Ron zijn goud waard’’, zegt directeur Ad Geerdink van het Westfries Museum, dat de Halve Maen in bruikleen heeft. Nergens staat beschreven hoe de tuigage van zo’n schip precies moet zijn. Geerdink: ,,Het is bijna een soort archeologie. Door te doen kom je er achter hoe het geweest moet zijn. Met name door Rons kennis, vaardigheid en passie is de tuigage een van de beste onderdelen van de Halve Maen.’’
Lees het zeer uitgebreide artikel op de bron: NHD premium





— Inspectie van de Halve Maen


Foto: Paul Nijsse

De Halve Maen staat in Enkhuizen op het droge. Voor een grondige inspectie van de ingewanden zijn gaten in de romp gezaagd. Het onderzoek heeft bevestigd dat er een grotere reparatie nodig is. ,,Het was zoals al werd verwacht. Op termijn heeft het schip een hele flinke opknapbeurt nodig. Die vraagt tijd, geld en voorbereiding’’, zegt directeur Ad Geerdink van het Westfries Museum. ,,Dat is trouwens heel normaal voor een houten schip van 27 jaar oud. Dan moet je delen vervangen. De Amerikaanse eigenaar is verantwoordelijk voor het onderhoud. We zullen het met hem bespreken.’’

Het betekent wel dat het schip niet de zee op kan. ,,Voor de veiligheid willen we geen enkel risico nemen. Bij gewone weersomstandigheden is er geen enkel probleem, maar bij extreem weer komen er zulke krachten op het schip te staan dat je niet met de hand op het hart kunt zeggen dat alle risico’s zijn uitgesloten.’’

(Overigens vaart het schip met maximaal 12 passagiers en hoeft het geen certificaat voor passagiersvaart. WvD)

Vanaf 1 april kan het schip weer bezoekers ontvangen in Hoorn. Ook dit seizoen gaat het schip naar maritieme festivals, maar de onderhandelingen daarover lopen nog. Geerdink: ,,We laten het schip Hoorn pas verlaten als dat meer oplevert dan als het hier blijft.’’
Voor meer info en een bezoek aan de Halve Maen kijk je hier




— Zwarte Piet Moorman en zijn botter ZS13



Eeuwenlang was de Zuiderzee het werkterrein van duizenden vissers uit de plaatsen eromheen, onder meer uit Zwartsluis. Dagen-, soms wekenlang verbleven ze op het water, op zoek naar de grootste vis.

De aanleg van de Afsluitdijk betekende het begin van het einde van de Zuiderzeevisserij. Zwarte Piet Moorman was een Zwartsluizer visser die niet wilde wijken voor de moderne tijden en tot 1960 aan het werk bleef op zijn 130 jaar oude visbotter ZS13. Over deze ZS13, een laatste relikwie uit lang vervlogen tijden en over het harde vissersleven van weleer gaat de documentaire Oversticht 108 van Mooi Overijssel.
Bekijk hier de docu uit 2013.




— Botter verhuist naar Openluchtmuseum Arnhem


De ‘open’ botter Zwaluw

Botter de Zwaluw is met een dieplader van Spakenburg naar het Nederlands Openluchtmuseum vervoerd. De Zwaluw is eigendom van Spakenburger Henk van Halteren. Tot voor kort was hij de eigenaar van Scheepstimmerwerf Nieuwboer, nu werkt hij bij het Openluchtmuseum als meester scheepstimmerman. Om het transport mogelijk te maken, moest op het terrein van jachthaven Nieuwboer al eerder de kajuit van de boot worden afgezaagd. Hiermee bleef van de jachtbotter (mét kajuit) een visbotter (zonder kajuit) over. De Zwaluw werd daarna overgevaren naar de Zuiderzeehaven, en werd daar uit het water gehaald.

Daarna begon de botter aan een zestig kilometer lange reis over de weg, om vervolgens in Arnhem weer te water te worden gelaten. De Zwaluw gaat onderdeel uitmaken van het museumonderdeel De Scheepswerf van Marken.
Bekijk hier een video van het takelen van de Zwaluw
Bekijk hier ook een video over het verwijderen van de kajuit.





— Eenrichtingverkeer op Prinsengracht



De Prinsengracht krijgt éénrichtingsverkeer op het water; op de Wallen komt mogelijk een verbod op pleziervaart. Bewoners strijden al jaren voor regels.

Met een overtuigend winterzonnetje ligt de Prinsengracht er al bij als het Amsterdam van een ansichtkaart. De zon die romantisch op het water weerkaatst; een paar woonboten op de achtergrond en een enkele boot die wat eenzaam over het water glijdt.

Het is haast onvoorstelbaar wat voor een mierenhoop het hier over twee maanden zal zijn, als de temperatuur 15 graden gestegen is. Weg beeld romantische ansichtkaart. Hallo luidruchtige en lamme Britten, pompende muziek en vele, vele bootjes.

Om het horrorbeeld – een constant festival op de grachten – van vele woonboot- en walbewoners tegen te gaan, start de gemeente op 1 april met twee pilots. De gehele Prinsengracht krijgt eenrichtingsverkeer – van het IJ naar de Amstel toe. Wie de andere kant op vaart, riskeert een boete van 230 euro. Ook start een pilot met een invaartverbod op de Grimburgwal vanaf de Oudezijds Voorburgwal. Daarnaast doet Waternet onderzoek naar een vaarverbod voor pleziervaart in het Wallengebied. De pilots lopen tot februari 2018, daarna wordt gekeken of meerdere grachten voor de eenrichtings- verkeermaatregel in aanmerking komen.
Lees het gehele artikel op de bron: NRC





— WK Soling 2017 in Nederland



Dit jaar heeft Nederland de eer om het Wereld Kampioenschap Soling te mogen organiseren. De Soling Club Nederland heeft dit met beide handen aangepakt.

De Soling werd ontworpen door Jan Linge in 1965. Van 1972 tot 2000 was het een van de Olympische klasses in het zeilen. De Soling is nog steeds, wereldwijd, een actieve zeilklasse is.
Er worden ongeveer 50 Solings verwacht op het water bij Muiden. Vanuit de Koninklijke Zeil- en Roeivereeniging Muiden gaan de wedstrijden plaatsvinden. Het Wereld Kampioenschap wordt gehouden van zaterdag 16 september t/m vrijdag 22 september.
Kijk hier voor meer info



Deze onderwerpen vind je in de Zeepost van deze week:

BBZ nieuws

— Jaarlijks BBZ Havenmeesteroverleg

Overig nieuws

— Actie zeilcharters in Amsterdam op 26 maart
— Petitie: Bruine vloot eist ligplaatsen Amsterdam
— Overzicht nautische handhaving 2017

— Foto’s van Hajo Olij

— Motie over keuring zeezeilschepen Tweede Kamer
aangenomen


— Wonen op de Theems begint op Harlinger werf

— Charterschepen van harte welkom in Hoorn
— Overlast bij haven van Ameland

— Vergrijzing slaat toe bij wadlopen

— Opknapbeurt voor Tjerk Hiddessluizen
— Het gaat weer beter met de paling in Nederland


Scheepspost wordt mede mogelijk gemaakt door:

EOC